Brian Van Lau is een autodidactische fotograaf en oprichter van het platform Arcanite Pictures. Zijn eerste monografie, ‘We’re Just Here for the Bad Guys’ wordt dit jaar uitgebracht. ‘We’re Just Here for the Bad Guys’ begon als reünie met zijn vervreemde vader, die gediagnosticeerd was met hersenkanker en voorstelde om samen aan een project te werken over zijn vermoedelijke herstel. Helaas kwam dat herstel niet en overleed zijn vader in 2020. Het project veranderde in iets anders: een zoektocht naar wie zijn vader was, een verkenning van familiebanden, een poging om antwoorden te vinden.
Het resultaat is teder, weids en vol van verlangen; het voelt gigantisch. Lau presenteert pijnlijk intieme portretten van zijn zieke vader, samen met jeugdfoto’s en brieven die hij als kleine jongen aan hem schreef, terwijl het project zich uitvouwt tot abstracte gedaantes van verdriet, afwezigheid en aanvaarding.

‘We’re Just Here for the Bad Guys’ begon vanuit je vaders suggestie om samen te werken aan een fotoserie. Wat waren je eerste gedachten toen hij dit voorstelde? En had je een duidelijk idee van hoe je deze samenwerking wilde benaderen?
Er zat een gevoel van erkenning in dat hij dit aanbood, wetende dat het zijn poging was om alles goed te maken en een productieve manier te vinden om samen te zijn. Verder zagen we het initieel meer voor ons als een optimistisch verhaal over tegenspoed overwinnen, waar we allebei van uitgingen. Hoe het uiteindelijk dit is geworden, kostte veel jaren van de toon veranderen, verschillende methodes van beeldvorming proberen, en manieren vinden om het zwart-wit meer overheersend te maken dan het in eerste instantie was, volledig in kleur.


Kun je je een specifiek moment herinneren dat heel erg de uiteindelijke vorm van het werk heeft bepaald?
Na zijn overlijden in 2020 was de grootste verschuiving van toon, van een optimistisch dagboekachtig project over volharding en sentimentaliteit, tot een meer psychologische reactie en een heroverweging van wat ik überhaupt wilde met het werk. In 2021 ontdekte ik brieven waarmee ik mijn vaders stem meer ruimte kon geven en het werk meer gebalanceerd werd. En in 2024 bracht ik meer tijd door met zijn familie, zodat ik hen meer doelbewust kon fotograferen, en meer met een eindpunt in gedachten waarbij de wereld zichzelf begon te vormen, van een horror-dagboekachtige reactie, tot een meer theatrale en uitgesproken narratieve benadering.


Het werk bevat een foto van een gestrande walvis die ik enorm intrigerend vind; hoe meer ik ernaar kijk, hoe minder het op een walvis lijkt – het verandert langzaam in een onwerkelijke, abstracte aanwezigheid. Wat is het verhaal achter dit beeld, en hoe besloot je het in dit project op te nemen?
In eerste instantie was ik gewoon foto’s aan het nemen rond de kunsten van Washington en Oregon. Voordat de walvis werd afgezet op dit strand in Oregon, waren alle voorbijgangers het met hun telefoons aan het vastleggen. Ik maakte allemaal variaties van dezelfde foto, maar het uitgestrekte lichaam en het plasje water ernaast, dat in monochroom op bloed lijkt, gaven het voor mij een meer kalm, mythologisch gevoel?
In de context van dit project zijn er een hoop verwijzingen naar water, bomen en non-diëgetische lichten, en de verschijning van een walvis was voor mij een soort representatie van dingen die niet direct konden worden gepersonifieerd: mijn eigen rouw, mijn vaders kracht en familiale schaduw, en op één of andere manier de aanvaarding van dit alles. Als je het plaatst naast de puntige structuur en de jongen die uit de doorgang ontsnapt, komt het denk ik meer expliciet over als een ontsnapping of oplossing van een soort gevangenschap, emotioneel en psychologisch.


In een interview uit 2020 bespreek je een project genaamd ‘Lost Boy Scout’, dat gaat over de complexe rol van mannelijkheid in de hedendaagse samenleving. Dit voelt sterk verbonden aan ‘We’re Just Here for the Bad Guys’ en de manier waarop je je vaders mannelijkheid in beeld brengt. Hoe verhouden deze projecten zich voor jou tot elkaar?
Dat is een ongelooflijke vondst… ‘Lost Boy Scout’ was ik aan het maken vlak voordat mijn vader ziek werd. Het was mijn poging om een bildungsroman in fotovorm te schrijven, waarin ik stilstond bij mijn genderrol en daadwerkelijke aandeel in de samenleving als 22-jarige. Het voelde alsof ik geen doel of richting had, dus ik keek naar allemaal verschillende opvattingen over mannelijkheid, of een passieve verwerping daarvan, en probeerde iets te vormen dat minder specifiek was, en meer ging over het belang van een identiteit zonder een rol. De verdwaalde scout is nog steeds een scout, zelfs zonder zijn troep?
Ik denk dat ‘Bad Guys’ op vergelijkbare manier mijn vraag beantwoord en nog urgenter maakt, en de gebreken toont in mijn oorspronkelijke antwoord. Beide projecten proberen de juistheid van een individuele keuze te beantwoorden zonder wat het voor mij betekent: in ‘Bad Guys’ wordt de rol die ik als zoon had gehad constant veranderd en verraden, zoals de rol van mijn vader ook snel werd afgezwakt – een autoritaire, patriarchale gedaante zonder macht, lichamelijke kracht, rijkdom?
(Ik hoop dat dit te volgen is, ik ben enorm verbaasd dat je deze connectie van lang geleden hebt gevonden).

‘We’re Just Here for the Bad Guys’ wordt uitgebracht als monografie en was eerder dit jaar als tentoonstelling te zien. Ik ben altijd benieuwd naar zulke curatoriële processen. Hoe maak je de laatste selectie van foto’s, en hoe kies je de volgorde waarop ze gepresenteerd worden?
De tentoonstelling werd gecureerd in samenwerking met Dan Boardman, de directeur van Light Work, die de specifieke ruimte veel beter begreep dan ik. Ik zie mezelf graag als een scherpe eindredacteur, maar proberen een project van 60-70 beelden, dat volledig in beelden gelezen moet worden, terug te brengen tot zo’n twaalf foto’s is een enorme uitdaging. Op dat punt is het niet meer hetzelfde werk, maar de essentie of interpretatie daarvan kan behouden worden.
Ik zie mezelf meer als een filmmaker vertaald naar fotoboeken, dus dit project was altijd bedoeld als boek met een specifieke flow, spanning en narratieve onderbrekingen. Ik probeer het te benaderen als actiefilm, of manga-panel, door steeds te springen naar alleen de meest essentiële informatie voor een vloeiend hoofdstuk, maar ruimte te behouden voor de beelden die het belangrijkst zijn. Ik ben bijvoorbeeld groot fan van Tite Kubo’s ‘Bleach’, en de beeldtaal en overdracht van informatie is ongelooflijk effectief en memorabel. Het belang van een beeld land onmiddellijk en op iconische wijze, en ik streef altijd naar zo’n soort structuur.


Je hebt zo’n zeven jaar aan dit project gewerkt, van je vaders diagnose in 2019 tot de uitgave van de monografie. Voelt het project, en de reis, nu helemaal afgerond?
Het voelt voor mij klaar in mijn persoonlijke begrip van wat deze ervaring was, maar ik ben verbaasd dat de reis eigenlijk nog niet voorbij is. Er zijn levenscycli waar ik nog niks van weet, of hoe te navigeren, en het boek is (technisch gezien) nog niet uitgebracht.


Je bent autodidact. Welke verschillen zie je tussen jezelf en fotografen met een formele opleiding? Zijn er lessen die je het liefst eerder had geleerd?
Hahaha, ik weet niet zeker welke verschillen ik nog kan zien. Ik was eerst veel bezig met een gebrek aan technische vaardigheid, of begrip van bepaalde concepten en historische contexten, maar ik denk dat de geldigheid van fotografen nu in zo’n breed scala komt. Ik denk dat ik altijd blijf leren, maar ik wou dat ik zo’n drie jaar eerder een schop onder m’n kont had gekregen. Ik had een goede basis nodig, ook buiten een opleiding. De mislukkingen van veel van mijn projecten hebben me geleerd niet naar het simpele antwoord te zoeken, maar naar een nog simpeler antwoord als ik daadwerkelijk betaald wil krijgen. Er is geen ruimte voor subtiliteit als het op een loonstrook aankomt, maar subtiliteit is alles wat ik nu in een fotoproject zoek.
Je hebt De Spiegel (Zerkalo) van Andrej Tarkovski genoemd als een van de films die je werk inspireren (net als je Instagram-profiel: @Zerkalou). Wat vind je zo inspirerend aan deze film?
Hahaha, ik koos voor die naam rond 2016. Ik had Tarkovski toen net ontdekt en mijn vrienden overtuigden me het niet te veranderen. De onconventionele narratieve technieken en perfecte cinematografie van De Spiegel maakten een grote indruk op me. Eerlijk gezegd, en beschamend, kan ik me na tien jaar niet meer de diepe gevoelens herinneren die ik bij deze film had, behalve dat ik me altijd aangetrokken voelde tot verhalen over jeugd en geheugen, en tot diep onverklaarbare krachtige beelden.

In 2022 richtte je Arcanite Pictures op, een platform voor fotografisch talent. Waarom startte je dit platform? En wat zoek je in een fotograaf?
Ik was gefrustreerd door mijn ervaringen met fotografieplatforms in het algemeen, en één website in het bijzonder die ik niet zal benoemen, die geen rekening hield met mijn verzoeken over hoe ik wilde dat mijn werk getoond werd, besproken werd, etc., en ik voelde me heel vervreemd van hoe een redacteur mijn werk gebruikte versus hoe ik wist dat het moest overkomen. Dus ik wilde een platform maken dat heel nadrukkelijk een gezamenlijk proces was, met toestemming van beide partijen voordat iets gepubliceerd werd. Ik wilde mensen op informele en persoonlijke wijze over hun werk zien praten, en dat het werk een plek zou hebben buiten academische fotografie of commercieel werk.
Het werk waar ik meestal het meest geïnteresseerd in ben, al helemaal voor mijzelf, gaat in feite over een relatie, en hoe beeldvorming voortkomt uit het proberen die relatie te beschrijven. Ik zoek voornamelijk naar ondervertegenwoordigde fotografen, of makers die een zeldzame of nieuwe beeldtaal aandragen.


Je hebt gezegd dat de meeste van je ideeën “starten vanuit een verlangen om een bepaald aspect van het internet te verkennen.” Is er iets dat je momenteel verkent of zou willen verkennen?
Het idee van de virality van een beeld. Wat maakt iets iconisch en navolgbaar? Hoe herken je de kenmerken van iemands stijl?
Meer Brian Van Lau:
Interview met Urbanautica
Interview met It’s Nice That
Interview met Analog Artisans
Booooooom-artikel over ‘Bad Guys’
Website
