Het werk van Trevor Naud heeft een droomachtig gevoel van mysterie. In zijn muziekvideo’s, foto’s of grafische serie Blues Build the Temple, presenteert de kunstenaar uit Detroit fragmenten van beelden, scènes of realiteiten die je accepteert maar niet helemaal begrijpt: fascinerend (of frustrerend) blijven ze net buiten bereik. Je kan het niet helemaal bevatten, maar je weet dat er iets aan de hand is. Ik ben in het bijzonder fan van hoe Naud sci-fi-beelden benadert, met een focus op de schroeven, bliepjes, draden, vormen en patronen van technologie, waarbij alledaagse apparaten veranderen in curieuze artefacten of vreemde symbolen.
Ik kan mijn liefde voor zijn werk niet volledig los zien van mijn liefde voor Protomartyr, de post-punkband waarvoor Naud meerdere muziekvideo’s heeft geregisseerd, persfoto’s heeft gemaakt en de hoes heeft verzorgd van hun album Formal Growth in the Desert. Protomartyr is een van mijn favoriete bands, en hun muziek lijkt heel natuurlijk aan te sluiten op het werk van Trevor Naud, met een vergelijkbaar gevoel van mysterie.
Zou je wat kunnen vertellen over je samenwerking met Protomartyr? Hoe zijn jullie oorspronkelijk gaan samenwerken, en hoe heeft jullie samenwerking/relatie zich sindsdien ontwikkeld?
De lijntjes werden al vroeg gelegd. Ik leerde Scott Davidson ergens in ‘07 of ‘08 kennen… we hadden een gemeenschappelijke vriend die vintage arcadekasten verzamelde en thuis game-avonden organiseerde. Scotty was een soort mythologisch figuur. Als hij verscheen hoorde je meteen een collectieve “SCOTTY’S HERE!”
Eén of twee jaar later had ik een kantoorbaan bij Ford. Iemand kwam naar me toe en zei “er is een gast die iets verderop zit en hij houdt heel erg van films – je moet eens met hem praten.” Dat was Alex Leonard. Kort daarna ontmoette ik Greg Ahee. Ik denk dat Protomartyr nog niet gevormd was, en ik had Joe Casey ooit een quizavond zien presenteren in een bar in Hamtramck, maar ontmoette hem officieel pas een stuk later. Nadat de band was gevormd.
Dit lijkt waarschijnlijk een omslachtige manier om tot de vraag te komen, maar in principe hingen we allemaal samen rond voordat ik met de band begon te werken. We hadden gedeelde interesses in film en muziek, en spraken regelmatig af bij Alex thuis in Hamtramck om B-films te kijken. Ik had destijds met wat vrienden een productiebedrijf in Detroit, en we maakten altijd graag muziekvideo’s omdat we dan de kans kregen om creatief te zijn. Joe was fan van wat dingen die we hadden gemaakt en vroeg of we de muziekvideo van ‘A Private Understanding’ wilden maken. Joe had een hele specifieke referentie: Ceol ón Chlann van The Keane Family. Daarbij zei hij “er is iemand die je voor de hoofdrol moet casten, hij is een 78-jaar oude stand-upcomedian.” Uiteindelijk ging niks zoals gepland voor de video, maar die werd er alleen maar beter door.
Vooruitspringend naar 2020, vóór de release van Ultimate Success Today, vroegen ze mij om hun persfoto’s te nemen. Dat was een enorme eer want ik had dat nog nooit eerder, officieel, voor iemand gedaan… plus de opdracht was heel cool: om de scènes te schieten als filmfragmenten. De pooltafel/bar-foto was een verwijzing naar Wim Wenders’ The American Friend. We hadden een paar fotosessies gedaan voor dat album. Toen kwam covid, en dat beïnvloedde hoe de video’s werden benaderd.
Ik denk dat onze samenwerking zich heel open heeft ontwikkeld… zeg maar, ik ben eigenlijk voor alles wel in. Ik ben fan van hen als mensen, en ik ben ook fan van hen als band.
Je muziekvideo’s voor ‘Make Way’ en ‘Worm in Heaven’ tonen allebei een of ander mysterieus experiment. Heb je een duidelijk idee van wat de experimenten daadwerkelijk zijn?
De opzet van ‘Worm’ was absoluut geïnspireerd op de Chris Marker-film La Jetée, die volledig uit fotomontage bestaat. Wat ik zo geweldig vind is hoe die film de technologie verbeeldt, die leidt tot tijdreizen, maar die wordt getoond als een simpel gezichtsmasker met draden. Die esthetiek is zeker toegepast op beide muziekvideo’s. Ik zal niet zeggen wat de experimenten precies zijn, maar ze omvatten droombeelden en het idee van de doodservaring simuleren.
Je maakte drie video’s voor het visuele album van Ultimate Success Today. Ik ben benieuwd naar het proces achter dit visuele album. Gaf de band veel kaders of richting, hadden ze iets specifieks in gedachten? En was je je bewust van wat de andere regisseurs aan het maken waren?
Ik sprak veel met Alex voordat ik begon aan de ‘Worm’-video. Op dat punt wisten ze dat ze een volledig visueel album wilden, en ik kan me herinneren dat hij me wat van de basisrichtlijnen voor de andere video’s vertelde. Nogmaals, we zaten midden in covid, wat filmen een strategisch proces maakte. Je kon niet op locaties verschijnen met een hele operatie. Je moest alles versimpelen.
Voor ‘Worm’ verwees de band naar La Jetée, en ik zei “ik heb zitten spelen met dit proces om 35mm-stills te ‘animeren’.” Dus ik heb daar grotendeels in mijn eentje aan gewerkt. En ik denk dat ‘The Aphorist’ een manier was om Joe, als verteller – een soort nieuwslezer – gevangen in een tv, midden in het schouwspel te plaatsen. Basically reisden ik en de cinematograaf van plek naar plek, dan opzetten en filmen.
‘Bridge & Crown’ kwam pas later door, en het idee daarvoor kwam van Joe. We hadden maar een paar uur om te filmen bij de Buffalo Soldiers Heritage Association en ik weet nog dat het die dag 37 graden was. James Mills, die je ziet in de video, is de voorzitter van de BSHA. Zijn uniform was van wol en je kon zien hoe benauwd hij het had.
Je hebt ook muziekvideo’s geregisseerd voor Zoos of Berlin en South South Million, twee bands waar je zelf ook in speelt. Is het een andere ervaring, of zelfs een ander creatief proces, om video’s te regisseren voor nummers waar je zelf aan hebt meegewerkt? Had je al ideeën voor de video’s terwijl je met de nummers bezig was?
Er was een stuk minder druk bij het maken van video’s voor die projecten, maar ik denk niet dat dat per se iets goeds is. Ik begin een stuk meer te treuzelen en dingen te overpeinzen. Ik heb een Super 8mm-korte film waar ik mee bezig ben (voor mijn gevoel al jaren), en dat duurt heel lang omdat niemand erom vraagt. Mijn muziekbrein is een beetje anders dan mijn videobrein. Ik begin meestal nog niet aan beelden te denken totdat de muziek is afgerond.
Wat is in het algemeen jouw manier om in een lied te komen? Zijn er specifieke elementen van een nummer waar je extra aandacht aan besteed wanneer je een muziekvideo aan het ontwikkelen bent?
Ik denk dat de tekst een grote rol speelt. Maar ik hou van de oefening van, als eerste, luisteren en proberen te interpreteren wat de artiest zegt. Dan, als tweede, vraag ik om de daadwerkelijke tekst te lezen. (Soms klopt het niet wat ik denk dat ze zeggen, maar komen er wel coole interpretaties uit voort.) Als ik naar muziek luister, zie ik absoluut bepaalde dingen voor me, bepaalde scènes.
In een interview uit 2008 zeg je dat je je vaak voelt als een mens in La Planète Sauvage, en ik denk dat ik wel wat inspiratie van deze film terug zie in je project Blues Build the Temple. Wanneer zag je de “surrealist adult animated science fiction art film” La Planète Sauvage voor het eerst, en welke invloed had het op je werk?
De eerste keer dat ik La Planète Sauvage zag, of voorbij zag komen, was als een videoband bij een vriend thuis. Ik zat in mijn laatste jaar van de basisschool (elf of twaalf jaar oud) en de vader van mijn vriend Lochlan had een hele vette verzameling aan films, platen en boeken. Als hij niet thuis was, zaten we samen door al zijn spullen te snuffelen. Maar ik weet nog dat ik vol verwondering naar de illustraties op de doos keek. Lochlan zei dan “oh, die mogen we niet kijken”, wat mijn nieuwsgierigheid alleen maar intenser maakte. (Kleine toevoeging: Lochlans vader is sciencefiction-auteur Patrick O’Leary.)
Grappig genoeg zag ik de film uiteindelijk pas veel later, ergens in de vroege 00s. Ik stond echt versteld van de beelden en de soundtrack van Alain Goraguer. En het is voor mij nog steeds heel onheilspellend en ongemakkelijk om naar te kijken. La Planète Sauvage en misschien wel nog meer Codex Seraphinianus van Luigi Serafini, waren de belangrijkste inspiratiebronnen voor Blues Build the Temple. Ik denk dat je de invloed heel duidelijk ziet als je naar beide werken kijkt.
In hetzelfde interview noem je David Lynch als jouw held. Wat betekenen David Lynch en zijn werk voor jou?
Als ik terugkijk zie ik dat Lynch een grote rol speelde in mijn jeugd, en zijn werk en beelden maakten echt een vroege indruk op me… ook al had ik geen idee dat hij de verbindende factor was tussen Dune, The Elephant Man en Twin Peaks. Ik zag Dune toen ik waarschijnlijk iets van vijf of zes was, en The Elephant Man niet lang daarna. Het zijn hele andere films, maar ze delen wel veel kenmerken van Lynch. Op die leeftijd voelde ik me overdonderd en bang door deze films, maar ik kon ook niet wegkijken.
Later, toen Twin Peaks uitkwam, weet ik nog dat ik met de hele familie voor de tv zat. Ik was tien jaar oud. Ik snapte er niks van, maar het werd gepresenteerd op een manier die logisch zou moeten zijn. Zeg maar, ik zag een high school drama, en een detectiveverhaal – dingen die op het eerste gezicht bijna cliché waren – maar hij speelde met je verwachtingen, en voegde als een goochelaar surrealisme en droomlogica toe. David Lynch was een nieuwe taal.

De voorkeur voor analoge fotografie is een terugkerend onderwerp op deze website. Hoe is jouw voorliefde voor analoge fotografie ontstaan? Waarom heeft het jouw voorkeur?
Ik leerde als student analoge foto’s maken en ontwikkelen, op de Canon AE-1 van mijn vader. Ik denk dat het me in eerste instantie minder aansprak omdat het een vereiste was voor journalistiekstudenten. Ik was foto’s aan het maken omdat dat mijn opdracht was (wat destijds niet echt leuk was). Maar ik herinner me dat ik de isolatie van het proces fijn vond. Met je ogen naar dingen speuren, zoeken naar verhalen, en in je eentje rondlopen. Dan was er de doka, waar je in een hokje voorovergebogen over een vergroter stond. En de geur. Het is nu een stuk romantischer voor me. Maar toen hoorde het er gewoon bij.
Na mijn opleiding gaf ik hem zijn Canon terug. Maar een paar jaar geleden gaf hij mij de camera als cadeau, en er zat nog steeds een filmrolletje in. Dus die liet ik ontwikkelen. Er zat een fantastische foto tussen van een de jurk en hakken van een vrouw (mogelijk mijn moeder), van een of andere bruiloft lang geleden, en de kleuren zijn helemaal vervormd tot levendige roze- en groentinten. Dat is de profielfoto van mijn Instagram.
Ik heb nooit een digitale fotocamera gehad. Misschien op een dag? Ik hou van de traagheid van analoog, en het meditatieve proces van foto’s maken, en het geduld dat ervoor nodig is. Ik ben helemaal geen geduldig persoon. Dus het is een van de weinige dingen die me een beetje tot rust brengt. Er is een periode nadat ik een fotorol heb volgeschoten, waarin ik soort van droom over hoe de beelden eruit zullen zien, of ze überhaupt gelukt zijn. Analoog fotograferen is ook een heel ontnuchterende activiteit. Ik heb niet het gevoel dat ik het volledig onder de knie kan krijgen. Ik ben nog steeds een leerling.

Je komt uit Detroit, een stad die bijna geromantiseerd voelt voor hoe vervallen die zou zijn – alsof je in de door misdaad geteisterde ruïnes van het Romeinse rijk woont. Ik ben benieuwd hoe je in je leven de stad hebt zien veranderen.
Detroit is een prachtige stad. Er is altijd al een ongelooflijke stroom van muziek en kunst en gemeenschap geweest. Het geld lijkt te komen en gaan, maar ik denk dat het een stad is die altijd bloeit, ook als het niet zo lijkt. Detroit heeft iets bruisends. Je hebt altijd het gevoel dat er iets te beleven is.
Meer Trevor Naud: